Le plus beau…

Uitgelicht

Ik ontmoette haar vannacht in mijn dromen. Ze zag er veel minder angstaanjagend uit dan ik me herinnerde, minder grimmig dan toen ze destijds de opdracht gaf om Sneeuwwitje te vermoorden. Haar hooghartigheid, daarentegen, leek me nog niet tot wankelen gebracht. “Hoogheid?” vroeg ik voorzichtig. Ze keek me aan met een ijzige blik en haalde vragend haar wenkbrauwen op. “Hoogheid, heeft u ‘m nog? De spiegel?”

Ze had ‘m nog. Ik moést het vragen : “Wat vond of vindt u zo belangrijk aan de mooiste zijn, o koningin?” Ze keek me aan alsof ik toch écht wel het meest àchterlijke wezen was dat ooit haar pad gekruist had. Tegelijk gebeurde er iets geks… het was alsof ze het antwoord, dat ze als “nogal evident” wilde poneren, ineens zelf in vraag begon te stellen. “Tja… ” kraste ze (ze had echt wel een vreselijk snerpende stem) “Ik vermoed dat ik dacht dat het me liefde zou brengen, en succes. De jaloerse en bewonderende blikken van rivales en aanbidders zouden me mega gelukkig maken.”

Ik zweeg terwijl ik haar bleef aankijken. Het was alsof ze mijn volgende vraag uit de stilte kon plukken : “En…neen, dat effect is uitgebleven. De haat en de jaloezie die ik voelde brachten me alleen maar meer pijn. En nu, nu het te laat is en ik er niks meer kan aan veranderen, komt daar nog een aanzienlijke portie spijt bovenop.” Ik had oprecht met haar te doen.

“Zullen we ‘m nog es testen?” opperde ik speels uitdagend. “Wat heeft u te verliezen? Misschien krijgen we een antwoord waar we méér mee kunnen dan toendertijd?”

Ze pruttelde nog wat tegen, maar trok uiteindelijk de beroemde spiegel van achter de kast waar hij onder een grauw laken opgeborgen stond. Je vindt het misschien grappig, maar mijn hart bonsde van opwinding. Het voelde als een “meet & greet” met een wereldster.

Daar stonden we dan, samen voor haar beroemde spiegel. Of beter : Zij ervoor, en ik aan haar zijde. Ik hield het nauwelijks toen ze haar gerenomeerde vraag stelde : “Spiegeltje, spiegeltje aan de wand… wie is de mooiste van het land?”

Een schim verscheen in spiegel (kippenvel!) en kondigde zonder veel omhaal aan ( er moest duidelijk niet meer over nagedacht worden) : “Le plus beau, c’est Arno” …

Consternatie. De koningin zakte van emotie door haar knieën, de ontlading van de spanning werd haar teveel. “ARNO???? ARNOOOO????” krijste ze. “Die verrekte spiegel is GEK !!!” Ze bleef maar razen. “Een vent??? Ik moet onderdoen voor een grijze vent? Die spiegel heeft teveel stof gesnoven !”

“Majesteit” … het gesakker ging maar door… “MAJESTEIT !!!!” mijn brul maakte indruk. Ze keek geschrokken in mijn richting. Ik kon het niet langer aanzien, en besloot maar es een ferme bek tegen haar op te zetten : “Heeft u er misschien al es bij stil gestaan dat “de mooiste” helemààl niet over uiterlijk gaat? Ok, ik geef toe, wat Sneeuwwitje betreft, werd u misschien wat misleid. Die wàs ook gewoon heel mooi, met haar blanke huid (wit als sneeuw) , haar ebbenhouten haar, haar rode blozende wangetjes…

Wat u niet zag : Ze was bovenal heel lief, attent en dienstbaar voor de dwergjes, ze poetste zomaar hun huisje zonder zich af te vragen of ze er iets voor terug zou krijgen. Ze ging belangeloos hartsvol met de kleine viespeukjes om, en bracht zo een extra streepje zonnige liefde in hun leven.

Ik raasde verder : “Arno is trouwens óók best een mooie man, maar daar gààt het even niet om. Volgens mij heeft de spiegel een àndere definitie van mooi. MOOI als in : Helemaal in contact met zichzelf, zijn talent aan het botvieren, en het leven aan het leven dat bij hém en bij hém alleen past! Geef toe, Majesteit (ik was ineens niet meer te stoppen) , authentieker dan dat wordt het niet! Hij heeft zich nooit iets aangetrokken van wat een ander er van dacht of vond, hij deed waar hij zich goed bij voelde, luisterde naar wat hem inspireerde en ging daar hard en passioneel mee aan de slag.

Niets is zo aantrekkelijk als iemand die het vuur in zich laat branden, en mèt dat vuur ànderen aansteekt. Arno leeft het leven voor zichzelf, en terwijl hij dat doet, betekent hij zóveel méér dan als hij voor de verwachtingen van anderen zou leven. Schooone meneire, Majesteit, echt waar! “

Ze zeeg neer in de dichtstbijzijnde fluwelen stoel. Verslagen keek ze me aan : “Bedoel je dat ik al die tijd bezig geweest ben met de verkeerde dingen? Dat ik al die pijn, verzuring en haat aan me heb laten vreten, terwijl ik me eigenlijk gewoon op iets anders had moeten richten?”

“Niets is verkeerd, sire, alles is een les, een uitnodiging om uit te zoeken hoe u zichzelf gelukkiger kunt maken. Kijkt u dus maar niet langer achterom, maar liever vooruit. Vergelijkt u zichzelf maar niet langer met anderen, want dat heeft geen zin. Misschien moest u maar es bij bij Arno te rade gaan, een drankje met hem doen… ik vermoed dat hij u met plezier vertelt hoe gemakkelijk het is. Mooi bent u sowieso… en hij inspireert u vast om “de mooiste” te zijn … de mooiste versie van wie u echt bent, onweerstaanbaar dus. La plus belle… “

Ze keek me enigszins verweesd aan. “Wat u ook doet, o koningin, houdt u vooral de spiegel. Zelfreflectie is het belangrijkste wat er is. Het lukt u wel, de spiegel is uw trouwe dienaar.” Ik legde nog even bemoedigend mijn hand op haar schouder, voor ik vertrok…

Arno, le plus beau… veel succes met de uitdaging waar je nu voor staat. Je hebt veel met Sneeuwwitje gemeen en al lijkt het niet meteen een stoere vergelijking : Behalve “schoonheid” hebben jullie ook de kracht gemeen om verschillende “vergiftigingen ” te doorstaan en te boven te komen. Net zoals zij de zeven dwergen had, heb jij een horde fans (van een andere orde en een diepere dimensie) die jou telkens weer nieuw leven in willen blazen. Take care, motherfucker!

Ai, Marieke Marieke

Uitgelicht

Alsof ze net werd achterna gefloten door een bewonderende bouwvakker, zo staat ze daar. Ze kijkt over haar schouder om te zien waar zoveel adoratie vandaan komt… spitse borstjes en een rokje dat ondeugend opwipt om een begeerlijk kontje te laten zien, haar hakken dragen een stel vrolijk huppelende benen… Marieke van Brugge… Bijna elke dag wandel of fiets ik haar voorbij. Ze kent me intussen, we begroeten elkaar traditioneel met een knipoog.

Misschien is het door het liedje van Brel dat ze me telkens weer doet denken aan die andere Marieke : Marieke “Wielemie” Vervoort, de topatlete die aan een zware en extreem pijnlijke spierziekte leed en er vorig jaar voor koos om uit het leven te stappen. In het licht van het Assisenproces van de afgelopen weken, was ze prominenter dan ooit in mijn gedachten aanwezig – heel visueel zelfs – alsof ze heftig zwaaiend met haar armen mijn aandacht probeerde te trekken.

Ik kende haar niet toen ik, toeval bestaat niet, op een aflevering van “Het Huis” botste, waarin Marieke op 24-uur-bezoek is bij Eric Goens. Wat ik dààr te zien kreeg, heeft me niet meer los gelaten. Wielemie wilde het zo. Ze wilde laten zien waarom ze voor euthanasie koos. Ze wilde dat mensen wisten waar ze elke nacht weer doorheen moest : Een hel van ondraaglijke spierkrampen die ze in de armen van haar verzorgster uitschreeuwt.

Zonder liefde – warme liefde lijdt het licht, het donkere licht en schuurt het zand over mijn land… De kreten van Marieke gaan door merg en been, haar strijd is lang en uitputtend. Zonder liefde – warme liefde, lacht de duivel de zwarte duivel… de ziekte die haar frêle lijf onophoudelijk geselt met hevige spasmen… Ze huilt, ze roept en tiert, ze kronkelt … Zonder liefde – warme liefde weent de zee , de grijze zee… Marieke duikt onder de golven van bewustzijn … weg naar een wereld waar het monster haar – al was het maar even – niet meer kan raken…

Ay, Marieke Marieke… pleure avec moi de Bruges à Gand… het is zó confronterend om hier getuige van te zijn. Wat dat betreft heeft ze absoluut haar doel bereikt : Elk oordeel of elke véroordeling van haar keuze voor euthanasie zou al even genadeloos zijn als de ziekte zelf. Je vraagt je af hoe ze dit eigenlijk ook zelfs maar één nàcht kon volhouden. Haar verzorgster is het er trouwens over eens : Deze was nog lang niet de ergste geweest.

Confronterend, dus… ook omdat het je voor de spiegel zet : Hoe durf ik eigelijk ook maar ergens over te klagen in dat easy peasy leventje van mij? Ik kan iets leren van deze krachtige, moedige vrouw. Ik doe het haar niet na : Elke dag weer met goede moed inzetten ondanks de wetenschap dat het straks weer allemaal eindigt in je reinste foltering.

Inspirerend is haar verhaal zeker ook. Je ziet hoe Marieke ’s morgens de trap af glijdt, terwijl ze plagerige grapjes maakt en vraagt aan Eric of hij even haar benen (haar rolstoel) wil dragen. Ze praat zonder slachtofferschap en in alle waardigheid over het kruis dat ze draagt. Ze deelt haar lijdensweg omdat ze wil verantwoorden dat ze er niet zómaar uit stapt. Jammer eigenlijk, dat we elkaar tot dat soort verklaringen verplichten. Als het leven dan toch een kado is, mag je er dan niet mee doen wat je zélf wil?

Sofie Lemaire is al even zoet met het verzamelen van vrouwen die een straatnaam verdienen en ze laat zich bijstaan door BV’s die hun kandidate voordragen. Het was Guy Swinnen die een lans brak voor de dappere triatlete. “Hallelujah”, ontglipte me spontaan toen ik zijn voorstel hoorde op Radio 1. Wat zou het zalig zijn als de twee Mariekes verenigd zouden worden op het pleintje aan de Coupure waar Marieke van Brugge blijft omkijken naar haar bewonderaar. Of zou ze haar naamgenote zoeken?

Ik droom er stiekem van. Oh, en … we hebben ook meteen een verklaring waarom Brel “Marieke Marieke” zingt… Ze waren misschien al die tijd al met z’n tweeën.

Dank je wel, Marieke “Wielemie” Vervoort. Je leven was kort en je uitdaging uiterst zwaar. Toch ben je er in geslaagd om je passage te doen nazinderen en een inspiratie te zijn voor je medemens. Je haalde brons en zilver en goud, maar geen medaille of beker kan tippen aan de topprestatie die leverde door te zijn wie je was. Moge je de straatnaam krijgen die je verdient, waar dan ook.

Leren vliegen…

Uitgelicht

Soms loopt er pardoes, compleet onverwacht en met een verbazingwekkende vanzelfsprekendheid iemand je leven binnen om er een flinke klodder kleur aan te geven : Een door het Universum georchestreerde ontmoeting, die je er gelijk van overtuigt dat het helemaal niet anders kon. “Verschijnselen”, noemen we dat in Harry Potter taal. 

Onlangs werd ik er nog es op getrakteerd door de Maastrichtse Magiër Jef Vliegen. 

Jef Vliegen is… hmmm, waar zal ik beginnen? Zijn parcours is zo ferm dat een samenvatting hem eigenlijk niet tot de nodige eer strekt. Toch een poging : 

… Kunstenaar, ja, dàt misschien in de eerste plaats, hij beeldhouwde en schilderde een gigantische galerie bij elkaar … Gastheer van de meest roemruchte kroeg ooit in Maastricht, ’t Knijpke – waar menig vlieg zich te pletter vloog in het oog van de zoveelste bezoeker. Het keldercafé werd geregeld omgetoverd tot cinema en als er een jazzbandje speelde, was het er knokken voor een plaatsje… Toon Hermans , Freek de Jonge, Peter Faber… het zijn maar een paar voorbeelden van bekende gasten die er zich graag een avondje verloren. Organisator van legendarische feesten die ondanks de sloten alcohol in vele geheugens gegrift blijven… Filmproducent in de jaren ’70 en ’80, dat maakte van hem een internationale speler die geregeld het filmfestival van Cannes en de Croisette onveilig maakte. Topschaatser, een titel die hij zichzelf toekent…

De V van Vliegen staat voor heel veel vavavoom, vrouwen, vrienden en vertier… én voor veelzijdigheid … Veelzijdigheid is een ticket dat toegang biedt tot vele werelden. De faam van Jef weergalmt met zijn naam : Enfant terrible, levensgenieter, decadente vogel, ongekroonde koning van bourgondisch Maastricht, Nederlandse Don Quichot…

Al het vorige terzijde : De titel die hem – wat mij betreft – nog het beste past, is die van “levenskunstenaar”. Ik dook in zijn autobiografie “Morgen dansen de muggen” en het is me toch een roetsjbaan van hoogtes en laagtes. Het lijkt wel alsof Jef alle uitersten heeft opgezocht. Hij walst door het leven met bittere armoede en ruime rijkdom als wisselende danspartners.

Jef Vliegen, intussen 87 en hopelijk moet hij nog lang niet “verdwijnselen”, laat ons zien hoe je – wat er ook op je afkomt – creatief met opties kunt spelen. Hij beschikt over een stel vleugels met een slagkracht om u tegen te zeggen. Zijn hart speelt de hoofdrol in het bedenken van scenario’s om de meest erbarmelijke omstandigheden het hoofd te bieden. Zijn laatste gulden deelt hij met een hongerige maat. Samen schaken ze met zelf geboetseerde stukken om warm te blijven tijdens een hongerige winternacht. In de vette jaren neemt hij een aan lager wal geraakte man van adel in dienst als huispersoneel. Ook een vermaarde dief kon bij de ruimdenkende kunstenaar aan de slag. 

Vliegen vertelt in “Morgen dansen de muggen” openhartig hoe hij door de belastingsdienst werd gefnuikt waardoor een einde kwam aan zijn imperium. En toch blijft hij waardig overeind. Hij kijkt vooruit, vrij van wrok, en benieuwd naar het volgende avontuur. Il faut le faire.

De details van het schilderwerk met zijn allerpersoonlijkste penseel laat ik hier even buiten beschouwing, hij beschrijft ze zelf op sappige wijze in zijn boek. Hij bespeelde mooie vrouwen als delicate doeken. “Flierenfluiter” en “Hartenbreker” ontbraken nog in het lijstje van daarnet. Eén vrouw in het bijzonder heeft nog altijd zijn diep respect : Lea, de mama van zoon Boris en dochter Sietske. Het kwam tot een breuk, maar ze bleven verbonden. Ook dat is levenskunst : Blijven liefhebben, ook als het fout loopt. 

De man, zijn werk, zijn verhaal … ze vormen de perfecte ingrediënten voor een alles-behalve-Valentijn weekend, een driedaagse over alleen-maar-liefde. Liefde voor Kunst in al zijn vormen, liefde voor mensen, liefde voor het leven. Wie zich door Jef en zijn werk wil laten inspireren : Op 14 februari om 20u is de vernissage in het RVT, Rolweg 57, 8000 Brugge. Na een warme babbel met de kunstenaar en zijn zoon Boris heffen we het glas op de liefde. Zaterdag 15 en zondag 16 februari is er – tussen 14u en 18u – de Kunstwandeling in het pittoreske St Annakwartier, langsheen vier privé woningen waar we zijn werken kunnen bewonderen. 
Het wordt een unieke gelegenheid om iets op te steken over kunst, leven en liefde. Of om te leren vliegen…

2020…

Uitgelicht

Oudjaar 2019… Djamil heeft zijn dagje niet. Zijn blote voeten voelen vandaag extra pijnlijk aan op de koude Parijse straatstenen. Zijn knappe gezicht met brede jukbeenderen verkrampt bij elke behoedzame stap. Koortsachtig scant hij de omgeving. Zijn lijf trilt ongecontroleerd en zijn hele zijn is op overleving gericht… en op de “fix” die hij nodig heeft. Nu, zo snel mogelijk.

Zijn koolzwarte ogen vinden eindelijk de dealer, iets verder in de straat, nonchalant tegen een lantaarnpaal geleund. Djamil klampt hem aan en krijgt een grijnzend hoofdschudden als antwoord op zijn smeekbede : Op de vooravond van een nieuw jaar is alles wat duurder… feest voor iedereen, de rijken zijn vandaag vast iets guller…

Een paar kilometer verderop heerst een andere bedrijvigheid. Op de Champs – Elysées wordt alles in gereedheid gebracht voor een spectaculair aftelmoment ter afscheid van ouwe heer Deumildisneuf. Tegelijk zullen die tien – uiterst feestelijke – seconden de entrée inluiden van een veelbelovende jongedame : Mademoiselle Vingt Vingt. Het wordt een lichtshow met prachtige projectie op de “Arc de Triomphe” gevolgd door een indrukwekkend vuurwerk. Voor wie het al goed had, worden kosten nog moeite gespaard.

Het is een drukte van jewelste. Honderen combi’s rukken aan en spuwen telkens zes ultra gefocuste agenten uit, die in geen tijd de Elyzese velden omtoveren tot een zwaar gebarricadeerde veiligheidszone. Straks verschijnen hier tienduizenden warm geklede, verwachtingsvolle, vrolijke vierders. Terwijl “all you need is love” door de luidsprekers knalt, oefenen in een zijstraatje een troep gele hesjes hun protestgezangen als een enthousiast kwispelend knapenkoor.

Korte tijd en ettelijke honderduizenden gespendeerde euro’s later zal alles voorbij zijn…

Tot een paar uur na middernacht was Djamil nog op jacht. De feestende medemens werd intussen te zat om nog aandacht – laat staan geld – aan hem te besteden. Ooit was hij één van hen, maar door slechte betalers raakte zijn onderneming in het slop. Hij had gedacht dat het niet fout kon lopen, en het had ook echt niet aan hem gelegen. Door God en klein Pierke – zijn geliefde incluis – in de steek gelaten, kwam hij op straat terecht. Eerst was hij nog flink dapper geweest, en hoopvol … dat ook, maar het rauwe leven op straat had hem genekt. Nu brengen alleen nog drank en een occasionele drug verlichting van de pijn in deze hel.

Uitgeput en ineengezegen tegen een muur ziet hij een paar dames, zwalpend op hun hoge hakken, terugkeren uit het feesttafereel. Ze lopen achteloos kirrend aan hem en zijn lotgenoten voorbij. Een man, van wie niet duidelijk is of hij bij het gezelschap hoort, stopt ‘m dan toch vijf euro toe… hij kreunt dankbaar en vermoeid. Naast hem vecht een oud dametje voor haar leven. Haar kinderen kijken niet naar haar om, ze had het maar anders moeten aanpakken…

De Notre Dame hult zich van schaamte in een dikke mist, als een dame die haar naaktheid verbergt in een peignoir, bij het aanschouwen van dit tafereel. Ze begrijpt de wereld niet, met al haar contrasten en ongelijkheden. Elke dag verbaast ze zich er over : “Liberté, égalité, fraternité “… wat is er nog van die mooie idealen aan?

Ook voor haar is het een nogal woelige periode geweest. Sinds dit jaar weet ze het wat het is om zo goed als alles te verliezen. Ooit was ze één en al pracht en praal en keek ze vol trots op haar Parijse onderdanen neer. Nu is ze het grootste deel van haar rijkdom kwijt. Is het daarom dat ze zo intens met Djamil mee kan voelen? Ze had hem het liefst in haar armen gesloten en hem onderdak geboden. Helaas kan zelfs zij – ooit de rijkste dame van de stad – dat niet meer.

Toch focust ze zich op dat sprankeltje hoop dat haar nog rest. Ondanks haar lot en haar vertwijfeling heeft ze besloten om zich gelukkig te voelen, en zich te richten op de mensen die ( zoals die ene man) wél naar hun broeder kijken, hem gelijkheid en vrijheid wensen. Want dat is het : Structureel verandert een aalmoes niks, maar het is wel een gebaar van “ik wens het je toe” en een boodschap van “ik wil ook een wereld waarin iederéén vrij en blij kan zijn.”

Ik ben het met haar eens. Ik ben het eens met de grote dame die – ondanks haar tegenslag – in alle waardigheid blijft staan. Ik tel mijn zegeningen en ben gelukkig met wat mij toevalt. Sinds ik getuige mocht zijn van zijn strijd, denk ik elke dag aan Djamil en of hij nog zou leven. Ik voel me niet schuldig, hoogstens machteloos. Er rest maar één vraag : Als ik al niks kan doen aan zijn situatie, wat kan ik dan wél doen?

Het antwoord? 2020 wordt voor mij een jaar van focus op wat goed gaat, op wat te redden valt en op hoe we dat samen in alle vrolijkheid voor elkaar krijgen. Doe je mee? Ik wens je hoe dan ook ,van harte, een heerlijk 2020…

Voor ne mens…

Uitgelicht

“Nieuwjaren” is een werkwoord dat , volgens mij, ergens in mijn jeugd uitgevonden werd. Als u een generatiegenoot bent, herinnert u zich vast nog hoe het was : Elk jaar weer stonden we – brief in de hand en ietwat tegen onze zin – flink te wezen voor de familie. Keurig uitgedost moesten we vooral een goeie beurt maken, dan konden mama en papa iets fierder aan de feestdis zitten. Je bracht je nieuwjaarswens bij voorkeur met de nodige ernst en zonder haperen, wat niet makkelijk was onder al die spiedende ogen. Als je geluk had, kreeg je een bemoedigend knikje van oma. En dan had je die ene nonkel, die je influisterde dat je de wijze woorden “liefste peter en meter hoe meer je geeft hoe beter” moest brengen, maar dat durfden alleen de buitenbeentjes, de allerdappersten van de familie.

Elk jaar weer werd de maaltijd ook opgevrolijkt met de obligate voornemens, die theatraal werden aangekondigd en door de toehoorders met gejoel onthaald. Goeie voornemens, uiteraard, na te streven verbeteringen die plechtstatig werden afgeroepen als waren ze al een feit.

Even ter zijde : Er zijn soorten voornemens, ik ben intussen kenner. Je hebt de cliché’s, als daar zijn “stoppen met roken” en “meer sporten”, die heel erg in trek blijven. Dan zijn er de blabla’s, die na aankondiging een jaar lang opgeborgen worden om bij het volgende nieuwjaarsfeest weer te worden opgediept als fonkelnieuw. De suggies echter (de categorie van de suggestieve voornemens) zijn mijn favoriete soort , die maak je voor een ander. “Een beetje minder zàgen dit jaar”, daar waagde nonkel Henri zich eens aan, tot groot jolijt van de bende . Tante Dien counterde met een ferme mep en de mededeling “dit jaar doe jij de was… en bij nader inzien (ze bleef meppen) ook de afwas!” Doe dus iemand een voornemen kado, ambiance verzekerd !

Een merkwaardig fenomeen is het wel, die traditie. Wie op mij vooral indruk maakt zijn mensen die écht wérk maken wat ze zich hebben voor genomen. De “niet lullen maar poetsen”- types, die een concreet plan hebben en dat omzetten in een streepje strakke realiteit. Isabelle Descheemaecker deed dit jaar zoiets. Terwijl de gemiddelde mens maar blijft praten over klimaatverandering en de continenten aan plastic die onze zeeën teisteren, zette Isa een staaltje van daadkracht neer om u tegen te zeggen : Ze opende de eerste Brugse “zero waste” shop, waar je verse, locale producten in bulk kunt kopen. Je kunt er “slow”, zeg maar genietend, shoppen.

Ik genoot er gisteren van een gember/vlierbloesem/rooibos theetje, met een stukje kaastaart, overheerlijk. Want dat is de Karmamarkt van Isa ook : Een plek om te ontspannen en interessante mensen te ontmoeten in de zachte zetels van de zithoek. Je kunt kiezen voor een babbel, je kunt met je neus in de boeken duiken… of je maakt – zoals ik – een combinatie van de twee.

Het aanbod is heel uitgebreid : verzorgingsproducten, natuurcosmetica, kruiden, dranken, (af)wasmiddel, koffie/thee en taart, voeding en maaltijden op bestelling, een heel zorgvuldig samengesteld assortiment. Je vindt er ook een origineel geschenkje, voor welke gelegenheid dan ook.

In mijn boodschappenmandje verdwenen een prachtig scheermes met houten greep, een heerlijk geurende bonenkoffie uit Peru, en een grabbel noten. Ik ga er nog niet systematisch alles kopen, moet ik wel toegeven. Dat is ook niet abnormaal : Sinds Isa haar marktje opende, heb ik nog wat voorraden te liquideren, en ging ik verpakkingen sparen om straks bij haar te laten bijvullen.

Het is namelijk een proces, dat anders leren shoppen. Je kunt niet meteen al het oude overboord gooien en alleen nog maar voor het ecologisch bewuste aanbod van zo’n winkel gaan. Die dingen vergen tijd en gewenning. Je hoeft er voor haar part ook niet meteen te kopen : Snuister-winkelen en van de sfeer en de muziek genieten mag ook. En toch kijk ik er telkens naar uit om weer iets nieuws te kunnen proberen, want de produkten zijn van een zalige kwaliteit.

Achter de schermen is er een aanbod van yoga en workshops. Zo levert de Karmamarkt een hele concrete bijdrage aan een maatschappij met meer Vavavoom. Bewuster leven, bewuster kiezen… En geitenwollensokken? Vergeet het maar. Niet alles wat anders is, of verandering brengt, moet aan diezelfde stal toegewezen worden.

Er circuleert trouwens nog een andere gekke overtuiging rond alles wat stichtend bijdraagt aan het welzijn op de planeet : Het moet goedkoop zijn, en mensen die binnen deze kaders werken moeten minder verdienen of mogen er alleszins niet rijk van worden. Hoezo dan? Frisdranken giganten mogen woeste winsten scheppen door vergif op de markt te brengen, maar dit moet voor niks? Ammehoela.

Ik hanteer een nieuw werkwoord dit jaar : Ik ga wat vaker “Karmamarkten”. Het is gewoon heerlijk om te doen. Ik ga er regelmatiger gewoon even “hangen”… de toevallige binnenlopers zijn inspirerend, en dat is de immer vrolijke Isabelle trouwens ook.

Ik schrijf dit met een warm hart voor een moedig initiatief dat wat mij betreft alle kansen op slagen verdient. De winkel bevindt zich in de Langestraat en meer info vind je op de Karmamarkt site. Ik neem me voor om meer mooie-mensen-initiatieven te delen, om de wereld met Vavavoom te blijven besmetten, te strooien met liefde en dat waar we met z’n allen beter van worden zoveel mogelijk te ondersteunen … Of is zijn dat teveel voornemens voor ne mens? Gelukkig 2020, iedereen…

Karma is a witch !

Uitgelicht

Lieve Sint, opgepast! Misschien wist u het nog niet maar het nieuwe lievelingetje van de kindertjes heet Karma. Wat zegt u? Neehee, Karma is geen bitch!? Het is echt een toffe tante, die de positie van uw Zwarte Piet wel eens ernstig in het gedrang zou kunnen brengen. Ze is van Oosterse origine, en heeft een ietwat afwijkende filosofie van die van u.

Ziet u : U brengt kinderen die braaf geweest zijn speelgoed en snoep of andere verrassingen. Kinderen die stout waren dan weer, gaan – in de vieze jutezak van uw knecht Piet – naar een niet nader genoemde bestemming. Weet u wat die Karma nu verzonnen heeft? Die brengt gewóón terúg wat de kindertjes zélf gegeven hebben!? Gaven ze iets moois aan de wereld, dan krijgen ze iets van gelijke waarde of méér terug. Deden ze iets lelijks… bam… ook daar krijgen ze lik op stuk, of erger ! Sorry hé Sint, ik wil u niet beledigen, ma ik vin da sjiek ! En dat vinden de kinderen blijkbaar ook, want ze kozen Karma tot het populairste woord van dit jaar! Ze hebben het nu al, zo kort na uw vertrek, meer over haar dan over u…

Hoewel ik niet zeker weet of alle kinderen het wel echt goed begrepen hebben. Je hoort ze namelijk te pas en te onpas “Karma” roepen : Een vriendje struikelt , KARMA ! Papa pakt naast de lotto pot, KARMAA !! De boze stiefmoeder verslikt zich in een appel, KARMAAA !!! De focus ligt duidelijk helemaal op het aspect “afrekening”, alsof elk kleinste tegenvallertje een rekening is die je gepresenteerd krijgt omdat je ooit iets mispeuterd zou hebben. Gelukkig is dat niet zo. Je kunt ook gewoon je teen bezeren omdat je niet goed uitkeek of een steek laten vallen omdat je te snel wilde breien.

Je hoort ze het zelden roepen bij een leuke meevaller. Vriendje vist het coolste kadootje uit de grabbelton… stilte… niemand denkt “amai, die zal véél goeie dingen gedaan hebben”. Mama komt eindelijk es blij terug van de kapper… stilte… niemand die het K-woord roept om te onderstrepen dat ze dit gewoon keihard verdiend heeft.

Alle gekheid op een stokje, lieve Sint, en dat weet u wel … wij, “grote” mensen zijn natuurlijk geen haar beter. We zijn generatie na generatie in een gelijkaardig schoolsysteem opgevoed. Een regime dat fouten onderstreept met rode stylo’s en dat benadrukt dat er drie op tien antwoorden mis waren ipv zeven op tien juist. We krijgen dat staren naar missers bij onszelf en bij de ander gewoon met de paplepel ingegeven. Wat niet betekent dat we het moeten blijven doen. Eigenlijk wil Karma ons op een andere manier leren leren…Misschien lukt het ons ooit wel : Meer aandacht besteden aan wat er wél ipv wat er niét is.

Als we nu es zouden focussen op wat we van onderin kunnen veranderen? Niet op straat komen om te mopperen over wat we niet goed vinden? Het gewoon anders doen onder elkaar? Een aanstekelijk en niet te ondermijnen “wij-ons” creëren?

Tante Karma vindt het namelijk extra fijn als je ook vanuit dat perspectief met haar mee kijkt. Positief Karma kan je bewerkstelligen door positieve bijdragen te leveren aan ons menszijn. Je werkt dan actief mee aan een blijer “ons”. Je wordt zelf fundamenteel gelukkiger als je niet alleen voor je eigen hachje schermt, maar eraan denkt dat je onlosmakelijk verbonden bent met een groter geheel.

We kunnen méér doen dat méér bijdraagt aan dat collectief contentement. En dat mag met kleine contributies beginnen. Een nieuw begrip : Collectief contentement contributies. CCC – positief, is dat geen grappig idee, Sint? Heel erg drastisch het roer omgooien heeft trouwens geen zin, daarbij is het risico op slagzij of misselijke passagiers te groot. Misschien kunnen we een ander grootboek opzetten waarin u de leuke dingen die ons samen leven opvrolijken, noteert? Beetje zoals dat boek dat u nu hanteert, Sint, maar dan anders? Dan kan Karma als een dartele heks van de één naar de ander bezemen, gedragen door golven van “wij-zijn-goed-bezig”, om die ideeën te verspreiden. Karma is a witch 🙂

Misschien wilt u daarbij helpen, lieve Sint? Als we nu volgend jaar deze tijd nog eens de balans opmaakten?

Mijn volgende blogtekst zal trouwens gaan over iemand die hier een hele praktische en stichtende bijdrage toe levert ! Dat zal ik af en toe es doen, zo iemand in de schijnwerpers zetten. Zo kunnen we elkaar ook inspireren, toch? Tips zijn zeker welkom. Men zegge het voort!

Uitgelicht

Rechtvaardige rechters…

“Kakmadame!” dacht ik, toen ik de druppels van de vorige toiletbezoekster op de rand van de pot zag liggen. Ik kon haar vluchtig taxeren tijdens de schichtige “zij eruit / ik erin – wissel” : Een dame van het opgedirkte soort, dure jas, lange valse wimpers en dito nagels, sjieke handtas… gek eigenlijk, hoe snel we al die dingen opmerken. Mijn inwendige mopperkont ging stevig tekeer, terwijl ik met wat papier de urine residu’s van mijn voorgangster verwijderde : “Amai, “dame”??? Zo’n show, maar echte klasse ? Pfff, een toilet zó vies achter laten…”

Ik pleegde mijn plasje alsnog met de gekende opluchting, die stijgt naarmate de blaasinhoud daalt. Ik was het incident eigenlijk al vergeten, toen ik bij het doorspoelen merkte dat het systeem nogal onstuimig afgesteld was, waardoor spetters water over de bril heen gecatapulteerd werden. Een fractie van een seconde stond mijn wereld stil. Had ik dit nu echt gedaan? Iemand veroordeeld, ten onrechte, op grond van oppervlakkige indrukken en uiterlijkheden, zonder de ware toedracht te kennen? Misschien had ik van een ongelooflijk lieve oma een degoutant vieze trut gemaakt, die alleen in mijn hoofd bestond!

Dit WC- tafereel speelde zich jaren geleden af en was voor mij een AHA-erlebnis. Hoe snel vellen wij een oordeel, denkend dat we alwetend zijn en het bij het rechte eind hebben? Dit vluchtige incident was natuurlijk behoorlijk onschuldig, er hingen geen levens van af. Maar wat als we op basis van dit soort ongefundeerde percepties over belangrijker zaken gaan oordelen? Wat als er echt levens van af gingen? Liefdes? Vriendschappen? 

Kleine test : Hoe vaak heb jij al het verhaal van een vriend(in) geloofd, zónder enige bewijsvoering gezien te hebben?  Hoe zeker weet jij dat je de “waarheid” kent? En op basis waarvan? Kun je onbevooroordeeld naar iemand luisteren? Trek je conclusies op basis van feiten en objectief bewijsbare gegevens? Of doe je het met losse interpretaties – erger nog – borduur je verder op de percepties van iemand anders zonder die te checken? Vraag je wel eens verduidelijking aan iemand om te begrijpen waar of waarom het fout liep? 

Onze hersenen zijn er perfect voor geëquipeerd om snel te oordelen, en maar goed ook. We moeten ons namelijk op tijd uit de voeten kunnen maken bij gevaar. En toch is het een falend mechanisme als we er niet in slagen om de inwendige jury uitstel van executie te vragen, zeker bij sociale en niet levensbedreigende kwesties. Ik ben er stellig van overtuigd dat heel veel conflicten en zelfs oorlogen hierin hun basis vinden!

De woorden van Ghandi indachtig , “be the change you want to see in the world” ben ik hier snel na mijn WC avontuur mee aan de slag gegaan. Sindsdien beraadslaagt mijn innerlijke jury uitvoerig en zolang er geen bewijzen zijn of ik heb niet met de betrokken partijen gepraat en overleg gepleegd , is er geen vonnis. Wat mij niet aangaat, daar blijf ik van af. Het ergste ultieme besluit is , in mijn geval, simpelweg “dit past niet bij mij” eerder dan “deze persoon is fout”. Mijn winst? Meer innerlijke rust en dus lagere stress levels, meer helderheid, minder interne en externe conflicten, en hopelijk vooral een positieve bijdrage aan het grotere geheel.

Op  Één loopt dezer dagen ” De Twaalf” , over het fenomeen van oordelen in een echte assisenjury. Omdat dit thema mij zo interesseert, en ik TV – en acteerwerk van eigen bodem graag volg, deed ik een marathon zitting. Ook hier onbreekt elke zweem van “objectieve en onomstotelijke bewijzen”. Voor een bende willekeur als zo’n assisenjury wil je als beklaagde niet komen te staan, geloof me vrij ! De plot is heel verrassend en confronterend, en bewijst bovendien mijn punt. 

Het beeld dat deze reeks schetst, is – vrees ik – accurater dan we durven te geloven. We worden meegenomen in de privésfeer van elk jurylid, en zien ook meteen voor welke kleuring die eigen leefwereld zorgt. Het is duidelijk : We hebben nog een flinke weg te gaan. Want niet alleen wij zelf maar ook rechters, jury’s , advocaten en – ongelooflijk maar waar – zélfs therapeuten zijn niet opgeleid om feiten en percepties uit elkaar te houden, wat leidt tot uiterst pijnlijke situaties.  

Die verandering, hoe beginnen we daaraan? Dit is alvast mijn klein steentje bijdrage. Ik hoop met mijn WC-verhaal een bacterie te lanceren die zich snel verspreidt. Hopelijk is het een beeld dat bij blijft en dat illustreert dat “snel stempels drukken” nergens toe dient. Misschien moeten we er gewoon ook es wat meer humor overheen kieperen, er wat minder ernstig over doen… ons ontdoen van de idee dat de wereld op ons verdict zit te wachten… misschien komen we dan in een vrolijkere samenleving terecht… één waar alleen plaats is voor liefdevolle beschouwingen en rechtvaardige rechters…